Een overzicht van de verplichte BBV beleidsindicatoren staat op Waarstaatjegemeente.nl .
Dit is Venlo in vergelijking met andere gemeenten met 100.000 - 300.000 inwoners.
6.1.1 Emissie CO2 (KG per ton)
Bron: CBS/Basis klimaatmonitor
Toelichting
Een belangrijke indicator voor het programma is de uitstoot van broeikasgassen (CO2) in de gebouwde omgeving. Voor wat betreft de doelstelling sluiten we aan bij de landelijke reductienorm. Deze landelijke norm wordt ook wel de Urgenda-doelstelling genoemd en houdt in dat de uitstoot van CO2 in 2020 en daarna, ten minste 25% lager moet zijn dan in 1990. In 2020 voldeed Nederland aan de Urgenda doelstelling. Echter door de hogere uitstoot in 2021 wordt deze doelstelling landelijk en lokaal niet meer gehaald (lokaal 23,9 % reductie ten opzichte van de norm van 25%) De stijging van de emissies in 2021 komt vooral door meer aardgasverbruik in de gebouwde omgeving en ligt ten grondslag aan de weersomstandigheden (koudere winter). Dat is ook in de cijfers van Venlo waarneembaar.
6.1.2 Hoeveelheid hernieuwbare energie KWP
Bron: CBS/Basis klimaatmonitor
Toelichting
Het aandeel hernieuwbare energie in verhouding tot het totale energieverbruik is na 2021 aanzienlijk toegenomen ten opzichte van vorige jaren. Het aandeel was in 2020 in Venlo 5,6% en in 2023 meer dan verdubbeld naar 13,1%. Met name hernieuwbare elektriciteit is de laatste jaren toegenomen. Het grootste aandeel hierin is zonne-energie, gevolgd door een kleiner aandeel windenergie. Hoewel het aandeel duurzaam opgewekte energie stijgt, scoort Venlo nog steeds onder het landelijk gemiddelde (14,6 procent in 2023). Het totale energieverbruik gaat niet enkel over de gebouwde omgeving, maar ook over de aanwezige bedrijvigheid. Door de stedelijke kenmerken van Venlo ligt het totale verbuik daarom relatief hoog. Ook zijn er in Venlo en omgeving weinig grootschalige duurzame warmtebronnen beschikbaar, zoals bijvoorbeeld geothermie.
6.1.3 Verbruik elektriciteit huishoudens
Bron: CBS/Basis klimaatmonitor
Toelichting
Totaal elektriciteitsverbruik woningen (geleverd via openbaar net). Het totaal elektriciteitsverbruik woningen in Venlo is al lange tijd gelijk gebleven. Dit is in lijn met de landelijke trend waarin ook het totaal electriciteit verbruik onder woningen gelijk blijft. Dit komt enerzijds omdat er steeds meer woningen in Venlo komen en woningen steeds vaker elektrische verwarmen in plaats van met gas. Anderzijds gaan wij steeds duurzamer om en gebruiken wij minder elektriciteit door het isoleren, zelf opwekken en spaarzamer leven.
6.1.4 Percentage woningen zonder aardgasverbruik
Bron: CBS/Basis klimaatmonitor
Toelichting
Het percentage woningen zonder aardgas is van 2023 (5,2%) naar 2024 (6,2%) licht gestegen, maar lager dan het landelijk gemiddelde 2023 (10,0%) naar 2024 (11,2%). Deze indicator wordt grotendeels beïnvloedt door het aantal nieuwbouwwoningen dat wordt toegevoegd aan de voorraad. Nieuwbouw wordt immers per definitie aardgasvrij opgeleverd en heeft daarmee veel impact op deze indicator. In Venlo zitten enkele grote woningbouwontwikkelingen in de pijplijn zoals het Veilingterrein en het Kazernekwartier. Op het moment dat deze ontwikkelingen zijn gerealiseerd, zal deze indicator direct positief worden beïnvloed. Datzelfde geldt voor de realisatie van het warmtenet in Hagerhof en omgeving. Deze ontwikkeling vraagt aan de voorkant veel tijd en investeringen van de organisatie, maar zorgt bij oplevering direct voor een grote bijdrage. Daarnaast wordt vanuit de individuele oplossing (warmtepompen) stapsgewijs per woning toegewerkt naar volledig aardgasvrij. Onder andere door eerst goed te isoleren en soms met een hybride warmtepomp. Deze woningen die grotendeels al verduurzaamd zijn, tellen nog niet mee met deze indicator, maar dragen wel al bij aan energiebesparing (CO2-reductie) en een forse kostenbesparing voor de inwoner.